Home > Regio's Frankrijk > Grand-Est



Grand-Est

Grand Est is een regio van Frankrijk die op 1 januari 2016 is ontstaan door de samenvoeging van de regio's Elzas, Champagne-Ardenne en Lotharingen. De regio bestaat uit de departementen Ardennes, Aube, Bas-Rhin, Marne, Haute-Marne, Haut-Rhin, Meurthe-et-Moselle, Meuse, Moselle en Vosges.

De departementen Haut-Rhin en Bas-Rhin (oude regio Elzas) zijn een typisch grensgebied, dat eeuwenlang omstreden was tussen Duitsland en Frankrijk. Nog steeds woont er een belangrijke Duitstalige minderheid. De Elzas behoorde oorspronkelijk tot het Heilige Roomse Rijk en kwam na de Dertigjarige Oorlog (1648) in Franse handen. Na de Frans-Duitse Oorlog van 1870 kwam het weer terug in Duitse handen (Elzas-Lotharingen). Na de Eerste Wereldoorlog is het wederom Frans bezit geworden. De wijnstreek Elzas is vooral bekend om haar uitstekende wijn.

De departementen Ardennes, Aube, Haute-Marne en Marne vormden tot 1 januari 2016 de regio Champagne-Ardenne. De Champagne-Ardene is een bekende naam, die beelden oproept van feesten en de wereldberoemde kathedraal van Reims. De naam staat echter ook voor een onbedorven landelijke idylle van twee zeer verschillende landschappen: in het zuiden de golvende velden van Champagne die zich uitstrekken tot aan meren en uiterwaarden en in het noorden de dichte bossen en heuvels van de Ardennen. De Champagne behoort geologisch gezien tot het zo goed als vlakke bekken van Parijs. In het uiterste westen van de Champagne ligt het Plateau de Brie et du Tardenois. Op de scheidingslijn waar dit plateau overgaat in de ‘droge’ Champagne Crayeuse ligt de Côte de I’Île-de-France. Op deze hellingrand liggen de beste champagnewijngaarden ter wereld. De Montagne de Reims tussen Reims en Épernay is de bakermat van de Champagne. Een rondleiding door de wijnkelders in deze plaatsen is een echte belevenis.

De ‘heilige driehoek van Champagne’, die Épernay, Reims en Chalôns-en-Champagne met elkaar verbindt, trekt veel wijnliefhebbers aan. Hier wordt het drinken van Champagne gecombineerd met overheerlijke maaltijden van gevulde forel, Ardennerham en de beroemde andouillettes, Franse knoflookworstjes. De route touristique du Champagne slingert door wijngaarden naar eindeloze graanvlakten die zich zuidwaarts uitstrekken tot aan het merengebied.

Op de grens tussen Frankrijk en België liggen de Ardennen, die hun naam ontlenen aan het Keltische woord voor breed bos. Dit woeste grensgebied van indrukwekkende dalen, loofbossen en heuvels, wordt doorsneden door de kronkelingen van de Maas. Het dichtbeboste leisteengebergte heeft door erosie behoorlijk aan hoogte ingeboet. De afgesleten toppen schommelen tussen de 200 en 300 meter. Aan de voet van de Ardennen ligt het vruchtbare landbouwgebied Dépression Subardennaise. De Franse Ardennen zijn echter niet alleen op de landbouw georiënteerd. De streek kent ook grote metaalfabrieken en gieterijen. Tot de grensversterkingen behoren de enorme vesting Sedan, het stervormige bastion Rocroi en de voorposten van de Maginotlinie die voor de Tweede Wereldoorlog werden gebouwd. In cultureel opzicht maakt dit gebied indruk met schitterende steden. Er staan prachtige kerken, van de gotische grootsheid van de kathedraal van Reims tot de landelijke charme van de houten champenoises-kerken. Deze zijn ingericht met kleurige gebrandschilderde ramen van de beroemde school van Troyes. Het subtiele vakmanschap ervan symboliseert de rustige charme van deze streek.

De departementen Meurthe-et-Moselle, Meuse, Moselle en Vosges (Vogezen) vormden de voormalige regio Lotharingen. Deze regio in het noordoosten van Frankrijk werd door de Franse koningen op het Duitse rijk veroverd, maar kwam weer bij Duitsland na de Frans-Pruisische Oorlog van 1870. Door het Verdrag van Versailles van 1919 kwam het weer bij Frankrijk. In de Tweede Wereldoorlog werd het door Nazi-Duitsland geannexeerd. Na de oorlog kwam het wederom bij Frankrijk. Lotharingen verwent haar bezoekers. Natuurliefhebbers ontdekken er uitgestrekte bossen, meren, het massief van de Vogezen en maar liefst drie natuurparken. De steden Nancy, Metz, Epinal en Verdun lenen zich uitstekend voor een stadsverkenning. Deze steden zijn pareltjes op het gebied van cultuur en architectuur. Ook wie op zoek is naar traditionele ambachten komt aan zijn trekken: vioolbouw in Mirecourt, kristal in Baccarat, textiel van de Vogezen in Ventron, aardewerk in Sarreguemines en Longwy. De getuigenissen van de ‘Art Nouveau’ (Jugendstil) beweging in Nancy en de route gewijd aan de beeldhouwer Ligier Richier zijn slechts twee voorbeelden van de vele artistieke uitingen van kunstenaars uit Lorraine. Aan gelegenheid voor ontspanning ontbreekt het evenmin. Een partijtje golf of een ontstresskuur in een van de vijf kuuroorden, Lorraine biedt voor iedereen een alternatief. En dan moet u uiteraard de lokale streekgerechten niet missen, want de Lotharingse specialiteiten (zoals de wereldberoemde Quiche Lorraine) en gastronomie zullen zelfs de meest veeleisende smulpapen kunnen verleiden.



Departement Haut-Rhin
Het departement Haut-Rhin, met Colmar als hoofdstad, grenst in het noorden aan het departement Bas-Rhin, in het oosten aan Duitsland, in het zuiden aan Zwitserland en in het westen aan Belfort en de Vogezen. Van noord naar zuid is het 100 km lang, van west naar oost 50 km. Het is ongetwijfeld een van de mooiste departementen van het land. Het is ingedeeld in vier natuurlijke streken. Het massief van de Vogezen beslaat een vierde van de oppervlakte. De hoogste toppen zijn de Grand Ballon (1424 m) en de Ballon d'Alsace. Het dorp Le Markstein ligt 1250 m boven de zeespiegel. De streek van de Lage Vogezen is bekend om zijn wijngaarden. Het is een gebied met weinig regenval en veel zonneschijn. De laagvlakte bevindt zicht tussen de voet van de Vogezen en de Rijnvallei. Ze bestaat vooral uit landbouwgronden, bossen en weilanden. In het zuiden van het departement liggen de Sundgau en de Elzasser Jura. Het is een heuvelachtige streek, 200 tot 400 m boven de zeespiegel. Lees meer.


Departement Bas-Rhin
Bas-Rhin, met Straatsburg als hoofdstad, strekt zicht uit tussen de Rijnvallei en de Vogezen in het noorden van de Elzas. Het heeft een vrij lange grens (de Rijn) met buurland Duitsland. De Bas-Rhin is een grote afwisseling aan landschappen rijk: vlakten, wijngaarden en bergketens. In het noordwesten strekt zicht het Regionale Natuurpark van de Noordelijke Vogezen uit, een groot bosrijk gebied met enkele fraaie rotspartijen. In het westen liggen de uitlopers van de Vogezen. In het zuidwesten lokt de boeiende Elzasser-wijnroute vooral in de zomer een grote stroom toeristen. Er zijn een vijftigtal versterkte kastelen, evenveel musea en een grote keus aan Romaanse, gotische en barokke gebouwen. Met 700 kilometer fietspaden en ruim 5.500 kilometer bewegwijzerde wandelpaden komen sportliefhebbers er volop aan hun trekken. Op het vlak van bezienswaardigheden is de Bas-Rhin dus meer dan rijk bedeeld. Haast langs elke weg of bij ieder vakwerkhuis wachten u indrukwekkende landschappen, schitterende architectuur, rijke cultuur of tongstrelende gastronomie. Lees meer.


Departement Ardennes
Het departement Ardennes, met Charleville-Mézières als hoofdstad, grenst in het noorden aan België, in het oosten aan de Meuse, in het zuiden aan de Marne en in het westen aan de Aisne. Dit middelgrote departement is dun bevolkt en biedt een rijke verscheidenheid aan landschappen. In het noorden domineert het bos, met loofbomen in de dalen en naald- en loofbomen op de heuvels. Naar het zuiden wordt het landschap vlakker, maar blijft bosrijk. Bij de Belgische grens baant de Maas zich een weg door steile rotswanden. Westelijker strekt zich een ander landschap uit: dat van de Thiérache, een lieflijk, lichtglooiend heuvelland met schilderachtige dorpjes en een aantal versterkte kerken, die eraan herinneren dat het er hier niet altijd vredig aan toe ging. In het zuiden, rond Vouziers en Rethel, meldt de weelderige Champagne zich al aan. Diep in het zuidwesten ligt de Porcien, een verrassende streek met vaak prachtige panorama’s. Lees meer.


Departement Aube
Aube grenst in het noorden aan de Marne, in het oosten aan de Haute-Marne, in het zuiden aan de Côte-d’Or, in het zuidwesten aan de Yonne en in het noordwesten aan de Seine-et-Marne. In het centrum ligt Troyes, de prachtige departementshoofdstad met talrijke oude vakwerkhuizen en schilderachtige plekjes in het oude centrum. Verscheidenheid is troef. In het noorden stroomt de Seine door de streek van Nogent en de Champagnevlakte. Tussen de Seine en het Pays d’Othe strekken zich vruchtbaar landbouwland, weiden en grote bossen uit. Deze streek wordt ook nog wel ‘Klein Normandië’ genoemd omdat er zoveel fruit wordt geteeld. In het oosten bevindt zich het Parc naturel Régional de la Forêt d’ Orient. Dit natuurpark bezit ongeveer 5000 hectare aan kunstmatige meren. In het zuidoosten wordt het uitzicht bepaald door bossen, champagnewijngaarden en uiteraard de wijndorpen. Lees meer.


Departement Haute-Marne
Het departement Haute-Marne, met als hoofdstad Chaumont, grenst in het noorden aan de Marne, in het noordoosten aan de Meuse, in het oosten aan de Vogezen, in het zuidoosten aan de Haute-Saône, in het zuidwesten aan de Côte-d’Or en in het westen aan de Aube. Het is opgedeeld in 7 streken. In het noorden strekt zich het Pays du Cher uit met het imposante meer van Der-Chantecoq, een paradijs voor ornithologen (270 vogelsoorten). Verder zijn er de Vallage, het Pays Chaumontais in het centrum, de streek van Bassigny, de Barrois, het Pays de Langres met zijn meren in het zuidoosten. Het departement is uitzonderlijk rijk aan natuurschoon. Per inwoner is er meer dan een hectare bos! Alle bossen samen beslaan 240.000 ha; en er is een groot wildbestand (everzwijnen, reeën en herten), vooral het uitgestrekte bos van Arc-Châteauvillain in het zuidwesten. In de haute-Marne ontspringen belangrijke rivieren: de Maas in het centrum van het zuidelijk gelegen Pays de Langres (meer bepaald in Pouilly, ten zuiden van Clefmont), de Marne (even ten zuiden van Langres) en de Aube (ten zuiden van Auberive). Lees meer.


Departement Marne
Het departement Marne grenst in het noorden aan de Ardennen, in het oosten aan de Meuse, in het zuidoosten aan de Haute-Marne, in het zuiden aan de Aube, in het zuidwesten aan de Seine-et-Marne en in het westen aan de Aisne. De Marne ligt in het centrum van de Champagnestreek. De 33.700 hectare wijngaarden liegen er niet om. De beroemdste champagnehuizen bevinden zich in Reims en Épernay. Het beroemdste bouwwerk is ontegenzeglijk de kathedraal van departementshoofdstad Reims, waar twintig Franse koningen werden gekroond. De Marne wordt ingedeeld in een aantal streken, bijvoorbeeld de Montagne van Reims (de heuvels in de omgeving van de departementshoofdstad), de vlakke graanstreek rond Châlons-en-Champagne, de fraaie, zeer toeristische vallei van de Marne, de Tardenois met zijn Romaanse kerken, het indrukwekkende Lac du Der-Chantecoq, de streek bij Sézanne met haar romantische vijvers, heuvels en kastelen, de uitgestrekte wouden van de Argonne en de typische dorpjes in de omgeving van Vitry-le-Francois. Lees meer.


Departement Meurthe-et-Moselle
Het departement van Meurthe-et-Moselle grenst in het noorden aan de Belgische provincie Luxemburg, in het oosten aan de Moselle, in het zuiden aan de Vosges (Vogezen) en in het westen aan de Meuse. Het is een groot departement (5.246 km2) dat ruim 700.000 inwoners telt. Het departement dankt zijn naam aan twee rivieren. Dit zijn de Meurthe en de Moezel. Het is tevens een van de meest beboste departementen van het land. Het departement omvat verschillende gebieden. In het noorden ligt Longwy, vermaard voor zijn aardewerk. De streek rond Pont-à-Mousson geldt als ideaal vertrekpunt voor tal van toeristische routes. Aan deze routes vindt u o.a. de abdij van de Premonstranzen en het Regionaal Natuurpark van Lotharingen. Rond Toul strekken zich prachtige wijngaarden uit. Het zuiden van het departement is tal van groene zones rijk. Oo bevinden zich er diverse mooie kastelen en de vermaarde heuvel Sion. Aan de voet van de Vogezen kan men ten slotte het 270 hectare grote meer van Pierre-Percée ontdekken. Lees meer.


Departement Meuse
Het departement van de Meuse grenst in het noorden aan België en aan het Groothertogdom Luxemburg, in het noordwesten aan het departement Ardennes, in het zuidwesten aan de Marne, in het zuidoosten aan de Vosges en in het oosten aan de Meurthe-et-Moselle. De Meuse kent een waaier aan landschappen. In het noorden strekt zich het Pays de Monmédy en de Stenay uit, met valleien die gedomineerd worden door grote, vaak door Vauban geïnspireerde forten. In het westen groeien de grote wouden van de Argonne, met de hoogste bomen van Europa en dorpjes die door de eeuwen heen hun ongerepte uitzicht wisten te bewaren. In het centrum zijn steden als Verdun en Saint-Mihiel de blikvangers. In het oosten ligt de Woëvre, een vlakte en een hoogvlakte, met prachtige vijvers en boomgaarden. In het zuiden bevindt zich het land van de hertogen van Bar (le pays des ducs de Bar), met Bar-le-Duc, de hoofdplaats van het departement. Lees meer.


Departement Moselle
Het departement van de Moselle, met Metz als hoofdstad, ligt in een grensgebied. Het grenst in het noorden aan het Groothertogdom Luxemburg en Duitsland, in het oosten aan de Bas-Rhin en in het zuiden en het westen aan Meurthe-et-Moselle. De Moselle wordt ingedeeld in zeven streken. Het Pays des trois Frontières; bij het drielandenpunt waar Frankrijk, Duitsland en het Groorhertogdom elkaar raken; bij dat punt vloeit de Moezel Frankrijk uit. De streek van Metz, de departementshoofdstad met een 3000-jarig verleden. Het Pays de Nied staat bekend als wandelparadijs, waar tradities in ere worden gehouden. Het Pays du Saulnois in het zuiden is een gebied rijk aan meren en de toegang tot het Regionale Natuurpark van Lotharingen. Het Bassin Houillier of steenkoolbekken strekt zich uit van de Duitse grens tot Morhange en van Saint-Avold tot Sarralbe. Het Pays de Sarrebourg is een bosrijk gebied met nagenoeg 50.000 hectare woud en in het westelijke deel ervan talrijke meren. In het oosten bevindt zich het Pays de Bitche met de uitgestrekte bossen van het Regionaal Natuurpark van de Noordelijke Vogezen. Lees meer.


Departement Vogezen
Het departement van de Vogezen, met Épinal als hoofdstad, grenst in het noorden aan de Meurthe-et-Moselle, in het oosten aan de Haut-Rhin, in het zuiden aan de Haute-Saône en het Territoire de Belfort, in het westen aan de Haute Marne en in het noordwesten aan de Meuse. De Vogezen bieden een grote afwisseling aan landschappen. Het oosten van het departement is bergland: het massief van de Vogezen (maar de hoogste toppen liggen niet in het departement). In het centrum en in het zuidwesten strekt zich La Vôge uit, een vlakte met rijke kleigronden, tussen Remiremont en het vermaarde kuuroord Vittel. Hier bevindt zich de waterscheidingslijn Noordzee-Middellandse Zee: de rivieren aan de oostkant ervan vloeien via Rijn en Maas naar de Noordzee; die aan de westkant voeren hun water naar de Middellandse Zee. Nog andere belangrijke kuuroorden zijn Contrexéville en Bains-les-Bains. La Plaine is een laagvlakte in het westen. Daar ligt het plaatsje Domrémy, waar Jeanne d’Arc werd geboren. Lees meer.